De wereldwijde vraag naar AI-chips geeft ASML een steeds grotere economische betekenis voor Nederland. Volgens ING Research kan de directe bijdrage van het bedrijf in 2026 oplopen tot 1,6 procent van de Nederlandse economie. Wanneer ook het bredere netwerk van Nederlandse leveranciers en investeringen wordt meegerekend, kan de economische voetafdruk volgens de bank uitkomen op 2,2 procent. Dat is goed nieuws voor de Nederlandse hightechsector, maar maakt de afhankelijkheid van één onderneming ook zichtbaarder.
Kunstmatige intelligentie lijkt voor veel mensen vooral te bestaan uit chatbots, beeldgeneratoren en digitale assistenten. Maar achter die toepassingen zit een fysieke industrie die gespecialiseerde chips, productiemachines, materialen, energie en technische kennis nodig heeft.
Een van de belangrijkste spelers in die industrie is ASML, de Nederlandse fabrikant van geavanceerde machines waarmee chipproducenten zeer kleine structuren op siliciumwafers kunnen aanbrengen.
De machines van ASML zijn cruciaal voor de productie van veel geavanceerde chips die worden gebruikt in datacenters, smartphones en andere elektronische apparaten. Naarmate bedrijven meer investeren in AI-infrastructuur, neemt ook het strategische belang van de chipindustrie toe.
Dat heeft gevolgen voor Nederland. In een analyse die op 26 oktober 2026 werd gepubliceerd, schatten economen van ING dat ASML dit jaar rechtstreeks tot 1,6 procent van de Nederlandse bruto toegevoegde waarde kan vertegenwoordigen. In 2025 was dat volgens dezelfde analyse 1,3 procent. Wanneer de bijdrage van de binnenlandse toeleveringsketen en investeringen wordt meegerekend, kan de totale economische voetafdruk oplopen tot 2,2 procent.
Het gaat om ramingen, geen definitieve jaarcijfers. De berekening is afhankelijk van de omzetverwachtingen en economische aannames die ING gebruikt.
Toch is de richting duidelijk: de internationale AI-boom heeft een rechtstreeks effect op een van de belangrijkste technologiebedrijven van Nederland.
Waarom AI zoveel gespecialiseerde chips nodig heeft
AI-systemen verwerken grote hoeveelheden informatie. Voor het trainen van geavanceerde modellen zijn enorme aantallen berekeningen nodig. Ook wanneer een model eenmaal is ontwikkeld, zijn computers nodig om gebruikersvragen te beantwoorden, afbeeldingen te genereren en AI-agents taken te laten uitvoeren.
Daarvoor worden onder meer gespecialiseerde processors ingezet. Deze chips zijn ontworpen om bepaalde soorten berekeningen efficiënt uit te voeren. Ze worden geproduceerd met behulp van complexe industriële processen waarbij uiterst kleine structuren op silicium worden aangebracht.
Bij geavanceerde chipproductie speelt lithografie een belangrijke rol. Daarbij wordt een patroon via een optisch proces op een lichtgevoelige laag overgebracht. Vervolgens kunnen andere productiestappen ervoor zorgen dat de gewenste structuren in het materiaal ontstaan.
ASML maakt de machines die chipproducenten voor deze processen gebruiken. Het bedrijf produceert niet zelf alle AI-chips die uiteindelijk in datacenters terechtkomen. Het levert apparatuur waarmee klanten chips kunnen maken.
Dat onderscheid is belangrijk. ASML profiteert van investeringen in de halfgeleiderindustrie, maar de vraag naar AI-diensten vertaalt zich niet automatisch één op één naar de omzet van ASML. Chipproducenten moeten besluiten investeren, fabrieken moeten worden uitgebreid en de machines moeten daadwerkelijk worden geleverd en geïnstalleerd.
De AI-boom heeft dus een indirecte maar strategisch belangrijke relatie met de activiteiten van het bedrijf.
Waarom Nederland internationaal zo’n sterke positie heeft
De Nederlandse economie heeft een belangrijke rol in de wereldwijde halfgeleiderketen. ASML is daarvan het bekendste voorbeeld, maar het bedrijf staat niet op zichzelf.
Er bestaat een netwerk van gespecialiseerde leveranciers, technische dienstverleners, onderzoeksinstellingen en hoogopgeleide medewerkers die bijdragen aan de ontwikkeling en productie van complexe machines.
Dat ecosysteem is moeilijk snel te kopiëren. Het vraagt om langdurige investeringen, specialistische kennis, betrouwbare leveranciers en nauwe samenwerking tussen verschillende organisaties.
De concentratie van zulke kennis in Nederland biedt economische voordelen. Er ontstaan hoogwaardige banen, leveranciers krijgen opdrachten en internationale klanten zijn afhankelijk van Nederlandse expertise.
ING schat dat ASML en het bredere ecosysteem samen in 2026 ongeveer 2,2 procent van de Nederlandse bruto toegevoegde waarde kunnen vertegenwoordigen. Die raming maakt duidelijk dat de betekenis van het bedrijf verder gaat dan de eigen omzet of beurswaarde.
Tegelijkertijd moet worden opgepast met het optellen van verschillende economische cijfers. Omzet, toegevoegde waarde, export en beurswaarde zijn verschillende grootheden. Ze vertellen elk iets anders over het belang van een onderneming.
De schatting van ING gaat over de bijdrage aan de economische waardecreatie, niet over een aandeel van 2,2 procent in de overheidsinkomsten of de totale Nederlandse werkgelegenheid.
De economische keerzijde van succes
Een groot en succesvol technologiebedrijf kan een land veel opleveren. Maar wanneer een onderneming een steeds groter aandeel van de economische groei vertegenwoordigt, kan de ontwikkeling van dat bedrijf ook meer invloed krijgen op de nationale economie.
Dat is het risico dat ING in zijn analyse benoemt. De bank wijst onder meer op de ervaring van Finland, waar Nokia rond de eeuwwisseling een zeer grote rol speelde in de economie. Toen de onderneming haar sterke positie op de markt voor mobiele telefoons verloor, nam ook haar economische betekenis af.
De vergelijking is geen voorspelling dat ASML hetzelfde lot zal ondergaan. ASML opereert in een andere markt, heeft een andere positie in de toeleveringsketen en is niet zonder meer vergelijkbaar met een fabrikant van consumententelefoons.
Maar de bredere les blijft relevant: een sterke marktpositie kan langdurig voordeel opleveren, zonder dat zij voor altijd gegarandeerd is.
Voor Nederland is het daarom verstandig om ASML te ondersteunen en tegelijkertijd de rest van de technologische economie te versterken.
Dat betekent investeren in andere innovatieve bedrijven, onderzoeksinstellingen, technische opleidingen en nieuwe toepassingen. Zo kan Nederland profiteren van het succes van ASML zonder dat toekomstige economische groei volledig afhankelijk wordt van de investeringsbeslissingen van één onderneming.
Geopolitiek maakt de chipketen kwetsbaar
Geavanceerde halfgeleiders zijn niet alleen economisch belangrijk. Ze spelen ook een rol in de internationale machtsverhoudingen.
De Verenigde Staten, China en andere grote economieën proberen invloed uit te oefenen op de productie, levering en toepassing van geavanceerde chips. Exportbeperkingen kunnen bepalen welke technologie naar bepaalde landen mag worden verkocht.
Voor ASML is dat bijzonder relevant. Het bedrijf opereert in een internationale markt en is afhankelijk van klanten, leveranciers en regelgeving in verschillende landen.
Veranderende exportregels kunnen invloed hebben op de verkoopmogelijkheden en op de manier waarop het bedrijf zijn activiteiten organiseert. Tegelijkertijd kunnen internationale spanningen leiden tot onzekerheid bij klanten die grote investeringen moeten plannen.
De chipindustrie kent bovendien complexe toeleveringsketens. Een gespecialiseerde component kan afhankelijk zijn van een beperkt aantal leveranciers. Als een essentieel onderdeel niet beschikbaar is, kan dat gevolgen hebben voor de productie van een complete machine.
Daarom gaat de strategische positie van Nederland niet alleen over hoeveel machines ASML verkoopt. Het gaat ook over de weerbaarheid van het bredere industriële ecosysteem.
Personeel, ruimte en infrastructuur worden steeds belangrijker
De groei van een hightechbedrijf vraagt om meer dan een sterke vraag naar zijn producten.
Er moeten voldoende ingenieurs, technici en andere specialisten beschikbaar zijn. Productielocaties moeten kunnen worden uitgebreid. Leveranciers moeten meegroeien en de infrastructuur moet de extra activiteiten aankunnen.
ING wijst onder meer op het risico van personeelstekorten en beperkingen in de binnenlandse capaciteit. Dat zijn geen problemen die uitsluitend met AI te maken hebben, maar ze worden belangrijker wanneer de halfgeleiderindustrie verder groeit.
Nederland concurreert bovendien internationaal om technisch talent. Mensen met specialistische kennis kunnen kiezen uit werkgevers in verschillende landen en sectoren. Als de vraag naar die vaardigheden sneller groeit dan het aanbod, kan dat de uitbreiding van bedrijven vertragen.
Opleidingen en samenwerking tussen bedrijven en kennisinstellingen zijn daarom belangrijk. Maar ook de beschikbaarheid van woningen, bereikbaarheid en geschikte bedrijfsruimte kunnen invloed hebben op de mogelijkheden om talent aan te trekken.
De AI-boom maakt daarmee zichtbaar dat technologiebeleid en algemeen economisch beleid niet los van elkaar kunnen worden gezien.
Wat betekent dit voor Nederlandse werknemers en bedrijven?
Voor werknemers kan de groei van de halfgeleiderindustrie kansen bieden op technisch en ondersteunend werk. Niet iedereen hoeft rechtstreeks bij ASML in dienst te zijn om van de groei te profiteren. Ook toeleveranciers en dienstverleners kunnen opdrachten krijgen.
Voor andere bedrijven biedt de AI-industrie mogelijkheden om gespecialiseerde producten en diensten te leveren. Denk aan precisieonderdelen, software, logistiek, onderhoud en technische consultancy.
Maar de voordelen zijn niet automatisch gelijk verdeeld. Sommige regio’s en sectoren kunnen sterker profiteren dan andere. Bovendien kan de groei van één grote onderneming de arbeidsmarkt onder druk zetten wanneer veel bedrijven dezelfde schaarse specialisten nodig hebben.
Daarom moet het Nederlandse beleid niet alleen gericht zijn op het aantrekken van grote investeringen. Het moet ook helpen om kennis breder te verspreiden en ervoor te zorgen dat kleinere innovatieve bedrijven toegang hebben tot talent, kapitaal en infrastructuur.
Mijn oordeel: Nederland moet niet alleen op ASML wedden
ASML is een uitzonderlijk sterke troef voor Nederland. Het zou kortzichtig zijn om het belang van het bedrijf te onderschatten of de wereldwijde vraag naar AI-chips als een tijdelijk detail te behandelen.
Maar het zou eveneens een fout zijn om het succes van ASML te verwarren met het succes van de volledige Nederlandse economie.
Een land heeft meer nodig dan één wereldspeler. Het moet ook nieuwe ondernemingen laten ontstaan, kennis omzetten in producten en ervoor zorgen dat technologische expertise zich verspreidt naar andere sectoren.
Daarbij hoort ook realisme over de AI-markt. De vraag naar rekenkracht groeit, maar de markt kan veranderen. Bedrijven kunnen hun investeringsplannen aanpassen, efficiëntere chips ontwikkelen of besluiten dat bepaalde AI-toepassingen minder rendabel zijn dan verwacht.
Dat hoeft geen instorting van de sector te betekenen. Het betekent wel dat Nederland rekening moet houden met verschillende scenario’s.
Mijn voorkeur zou daarom uitgaan naar een dubbele strategie: de positie van ASML en zijn leveranciers versterken én investeren in een bredere groep Nederlandse technologiebedrijven. Zo wordt het land minder afhankelijk van de prestaties van één onderneming en kan het ook op andere onderdelen van de AI-keten waarde creëren.
Conclusie: de AI-boom is een kans, geen garantie
De groeiende economische betekenis van ASML laat zien dat Nederland een belangrijke positie heeft in de wereldwijde AI-industrie. Terwijl veel AI-producten buiten Europa worden ontwikkeld, levert Nederland een cruciaal onderdeel van de infrastructuur waarmee geavanceerde chips worden geproduceerd.
Dat biedt werkgelegenheid, economische waarde en strategische invloed. Maar de afhankelijkheid van één bedrijf brengt ook risico’s met zich mee, vooral wanneer geopolitieke spanningen, personeelstekorten of veranderingen in de chipmarkt de groei beïnvloeden.
De uitdaging voor Nederland is daarom niet alleen om zoveel mogelijk uit de huidige AI-boom te halen. Het land moet de opbrengsten ook gebruiken om een bredere technologische basis op te bouwen.
ASML kan een motor van economische groei zijn. Het moet alleen niet de enige motor worden waarop Nederland vertrouwt.
Bronnen
- Reuters — ASML may account for up to 1.6% of Dutch economy in 2026, ING says
- ING Research — The Netherlands defies Europe’s tech trend thanks to ASML
- Dutch IT Channel — ING: Dankzij ASML groeit Nederland tegen de Europese techtrend in
Redactionele noot: de cijfers voor 2026 zijn ramingen van ING Research. De economische voetafdruk inclusief leveranciers is niet hetzelfde als de directe bijdrage van ASML en mag niet zonder toelichting met andere economische indicatoren worden vergeleken.
















Laat een reactie achter