Kunstmatige intelligentie staat steeds nadrukkelijker naast oorlog, klimaatverandering en economische instabiliteit op de agenda van wereldleiders.
De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties vindt plaats tegen de achtergrond van groeiende zorgen over AI en het ontbreken van uitgebreide internationale afspraken.
Het besluit van de Veiligheidsraad om een speciale sessie over AI en internationale veiligheid te organiseren, laat zien hoe snel het onderwerp hoger op de diplomatieke agenda is gekomen.
Dat is belangrijk omdat internationale instellingen traag bewegen.
Technologie beweegt snel.
De kloof tussen die twee snelheden is een van de centrale problemen van AI-governance.
Een model kan binnen enkele maanden sterk verbeteren.
Een internationaal verdrag kan jaren duren.
Een nieuwe AI-capaciteit kan vrijwel onmiddellijk wereldwijd beschikbaar worden.
Een toezichthouder kan ondertussen nog discussiëren over de juiste definities.
Daarom ontstaat een fundamenteel probleem:
Hoe maken overheden betekenisvolle regels voor systemen die sneller veranderen dan het wetgevingsproces?
De VN probeert een deel van dat probleem aan te pakken.
De organisatie heeft geen directe controle over AI-bedrijven.
Maar ze kan landen wel een forum bieden om gezamenlijke principes en communicatiemechanismen te ontwikkelen.
De gesprekken tussen de VS en China zijn daar eveneens een voorbeeld van.
We zien de eerste fundamenten van internationale AI-diplomatie ontstaan.
Of die fundamenten uiteindelijk leiden tot bindende internationale afspraken is nog onduidelijk.
Maar het proces is duidelijk begonnen.











Laat een reactie achter